Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationale Atlas Volksgezondheid

Achtergrondinformatie bij arbeidsongeschiktheid

Gegevens

UWV (Uitvoeringsinstiuut Werknemersverzekeringen) heeft de gegevens aangeleverd. De opgenomen gegevens komen uit de registratiesystemen van uitvoeringsinstellingen. In de kaart is het aantal uitkeringen gerelateerd aan de bevolking van 15 tot en met 64 jaar. De informatie over de bevolking is afkomstig van het CBS. Het totaal aantal uitkeringen in de kaarten is exclusief de uitkeringen die naar het buitenland gaan en waarvan de woonplaats van de uitkeringsgerechtigde niet precies bekend is.

Arbeidsongeschiktheidsuitkeringen

Er zijn drie verschillende soorten arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, die samengevoegd zijn:

  • WIA (Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen) of WAO (Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering): werknemersverzekering voor personen die bij aanvang van de arbeidsongeschiktheid in loondienst zijn. De WAO is sinds 1 januari 2004 vervangen door de WIA.
  • WAZ (Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen): verplichte verzekering voor personen die bij aanvang arbeidsongeschiktheid als zelfstandige werken;
  • Wajong (Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten): volksverzekering voor personen die arbeidsongeschikt zijn geworden vóór toetreding tot de arbeidsmarkt.

Het aantal uitkeringen komt niet overeen met het aantal arbeidsongeschikten, omdat sommige personen meer uitkeringen tegelijkertijd hebben.

Standaarddeviatie

Door de standaarddeviatie te berekenen kunnen we bepalen in welke mate het arbeidsongeschiktheidspercentage in een bepaalde regio afwijkt van het Nederlandse gemiddelde. Als het Nederlands gemiddelde groter is dan 10% wordt de standaarddeviatie berekend met de formule √(p(1-p)/n) en als het Nederlands gemiddelde kleiner is dan 10% wordt de standaarddeviatie berekend met de formule √(p/n). In beide formules is p de kans op arbeidsongeschiktheid en n is de populatieomvang. Vervolgens is op basis van de standaarddeviatie een vijfpunts-schaal geconstrueerd:

onder (p < .05)

significant onder het Nederlands gemiddelde

onder

tussen de 1 en 2 standaarddeviaties onder het Nederlands gemiddelde

gemiddeld

minder dan één standaarddeviatie onder of boven het Nederlands gemiddelde

boven

tussen de 1 en 2 standaarddeviaties boven het Nederlands gemiddelde

boven (p < .05)

significant boven het Nederlands gemiddelde

De weergegeven verschillen met het Nederlandse gemiddelde zijn bepaald met de standaarddeviatie (één en twee standaarddeviaties onder of boven het Nederlandse gemiddelde). De gegevens zijn niet gecorrigeerd voor leeftijd en geslachtverschillen.

Potentiële beroepsbevolking

Voor de kaart is het aantal inwoners van 15-65 jaar (potentiële beroepsbevolking) per gemeente gebruikt. Een betere maat is de beroepsbevolking. Op gemeenteniveau zijn helaas geen cijfers beschikbaar over de beroepsbevolking. Het patroon zal nagenoeg gelijk zijn, met alleen een hoger gemiddelde. Het is mogelijk dat het verschil tussen de potentiële beroepsbevolking en beroepsbevolking niet overal gelijk is in Nederland.

Interpretatie

Arbeidsongeschiktheid kan worden beschouwd als een indicator voor de langdurige beperkingen in de arbeidssituatie. Voorwaarde is de aanwezigheid van een aantoonbare ziekte of gebrek waardoor men niet meer kan werken (Smulders, 1997).

Naast gezondheid is arbeidsongeschiktheid dus ook afhankelijk van het werk dat men doet of kan doen. Wijzigingen in regelgeving of keuringseisen zijn ook van invloed op het aantal arbeidsongeschikten. Bij de geografische spreiding kan mogelijk ook de situatie op de regionale arbeidsmarkt een rol spelen.

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Smulders PGW.Ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid. In: Maas e.a. (red.). Volksgezondheid Toekomst Verkenning 1997. Deel I: De gezondheidstoestand: een actualisering. Maarssen: Elsevier/De Tijdstroom, 1997; 114-122.

Begrippen en afkortingen

Definities

Beroepsbevolking
Tot de beroepsbevolking worden gerekend: personen (15-65 jaar) die: - ten minste 12 uur per week werken, of - werk hebben aanvaard waardoor ze ten minste 12 uur per week gaan werken, of - verklaren ten minste 12 uur per week te willen werken, daarvoor beschikbaar zijn en activiteiten ontplooien om werk voor ten minste 12 uur per week te vinden.
Nationale Atlas Volksgezondheid, versie 4.11, 28 maart 2013
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.