Grootschalige trek uit de stad
Binnenlandse migratie heeft betrekking op personen die binnen Nederland van de ene gemeente naar de andere gemeente verhuizen, en geeft dus de verandering van de ruimtelijke verdeling van de Nederlandse bevolking weer. Verschillende factoren die een rol spelen bij de verhuisgeneigdheid hebben op verschillende tijdstippen een invloed op de levensloop van mensen. Daarom is voor verschillende leeftijdscategorieën de binnenlandse migratie in kaart gebracht. In deze kaart wordt gekeken naar de leeftijdscategorie 25 tot 40 jaar. De cijfers geven de gemiddelde migratie per jaar aan, in de periode 2005-2009.
In contrast met de trek naar de grote steden van de 15- tot 25-jarigen, is hier een tegengestelde migratierichting te zien met een omvangrijke trek naar met name de gebieden direct rondom de steden. Vooral de typische studentensteden die relatief veel 15- tot 25-jarigen ontvangen, verliezen veel mensen zodra deze klaar zijn met de opleiding.
Onder de gebieden met de grootste vestigingsoverschotten bevinden zich gemeenten met een hoge woningbouwproductie, zoals Houten, Haarlemmermeer, Lansingerland en het gebied tussen Arnhem en Nijmegen. Buiten deze gebieden is er in een flink deel van de kleinere gemeenten in Nederland ook sprake van kleine vestigingsoverschotten.
De trek naar de randgemeenten rondom de steden gaat grotendeels gepaard met het gaan samenwonen en eventueel het krijgen van kinderen, ook wel huishoudensmigratie genoemd. Ook de zoektocht naar een beter geschikte woning en woonomgeving (woonmigratie) is hieraan gerelateerd. De wens naar meer ruimte en groen, het belangrijkste verhuismotief bij jonge gezinnen, zorgt ervoor dat velen zich vestigen in de suburbane rand. Daar sluit het woonmilieu en het huisaanbod (eengezinskoopwoningen) beter aan op de voorkeuren. Er is in dit verband ook enige overeenkomst met het migratiepatroon van 0- tot 15-jarigen.
Vergelijk deze kaart ook eens met:
Literatuur: