Toenemende regionale verschillen tot 2040
Deze prognosecijfers zijn afkomstig uit de
Regionale prognose 2009-2040, een gezamenlijk product van het en het . De cijfers zijn gebaseerd op veronderstellingen over de toekomstige ontwikkelingen van regionale verschillen in geboorte, sterfte, buitenlandse migratie, (binnenlandse) verhuizingen en huishoudensdynamiek. Door deze omvattende methodiek worden de prognoses van bevolking, allochtonen en huishoudens tegelijkertijd en in onderlinge samenhang berekend. In deze kaart is per gemeente de relatieve toe- of afname van het aantal inwoners ten opzichte van 2010 weergegeven, voor de jaren 2020, 2030 en 2040.
De verschillen in groei- en krimppercentages nemen gedurende de prognoseperiode toe, waardoor regionale verschillen steeds duidelijker op de voorgrond treden. In het algemeen zal de bevolking in de meer centrale delen van Nederland toenemen, terwijl in de periferie grote gebieden met bevolkingskrimp te maken zullen krijgen ().
Gemeenten waar het inwonertal naar verwachting afneemt liggen met name in het zuiden van Limburg, het noordoosten van Groningen en het oosten van Gelderland.
In gemeenten in Flevoland, delen van Noord-Holland (met name in en rond Amsterdam) en de randgemeenten bij Den Haag en Rotterdam neemt de bevolking juist steeds sterker toe. Dit geldt in mindere mate ook in en rond de steden in Midden-Gelderland en de grote Brabantse steden.
Vergelijk deze kaart ook eens met: